Martin van Geel: drie lessen uit het voetbal

Wie kan beter vertellen over kiezen dan iemand wiens keuzes elk weekend onder de loep lagen? Martin van Geel, oud-profvoetballer, technisch directeur bij onder meer Willem II, AZ en Feyenoord en nu technisch manager van de Eredivisie, sloot de middag af. 

Wie kan beter vertellen over kiezen dan iemand wiens keuzes elk weekend onder de loep lagen? Martin van Geel, oud-profvoetballer, technisch directeur bij onder meer Willem II, AZ en Feyenoord en nu technisch manager van de Eredivisie, sloot de middag af. Weinig tijd? Lees dan de drie lessen voor je eigen bedrijf. Kun je geen genoeg krijgen van voetbalverhalen? Lees dan door voor Pellè, Advocaat en Cruijff.
 

Drie lessen voor ondernemers

  • Geen lange termijn zonder korte termijn.
    Toen Van Geel in 2002 bij AZ begon, was de club een degradatiekandidaat. Toch droomde men van ‘over vijf jaar, over tien jaar’. Van Geel zette het in perspectief: “Als we over één jaar gedegradeerd zijn, ís er geen vijf of tien jaar meer.” Zorg dus dat je visie en de cijfers van dit jaar hand in hand gaan.
     
  • Maak afspraken aan de voorkant.
    Koeman kreeg bij Feyenoord geen nieuwe spelers, maar wél rugdekking: ook na drie of vier verliespartijen zou hij blijven zitten. Die nederlagen kwamen, Koeman bleef, en het werden drie fantastische jaren. In het bedrijfsleven kan het net zo gaan. Stel je een nieuwe directeur of manager aan? Spreek dan vooraf uit wat je belooft, wat je verwacht en hoeveel tegenwind je samen accepteert.
     
  • Wees het zorgvuldigst bij sleutelposities.
    Van Geel: “Als je vijf aankopen doet, zijn er vaak drie goed, is er één een twijfelgeval en valt er één tegen.” Een voetballer die tegenvalt is slechts ‘één van de 26’, maar een verkeerde hoofdtrainer raakt de hele club. Neem je iemand aan op een cruciale positie? Kies dan met extra zorgvuldigheid.
TEUN - Jubileumevent

Verhalen uit de kleedkamer

‘Meer dan acht zal hij er niet maken’
Bij Feyenoord werkte Van Geel met een krappe beurs: kopen zat er niet in, huren wel. Toen algemeen directeur Eric Gudde met de naam Graziano Pellè kwam, bracht hij Van Geel onbedoeld in een dilemma. Niet zijn geliefde checklists en feiten gaven uiteindelijk de doorslag, maar een onderbuikgevoel.

“Onze trainer, Ronald Koeman, kende Pellè nog van AZ en was allesbehalve enthousiast. ‘Hij is geen onaardige jongen, ligt goed in de groep en ja, hij kan een bal vasthouden. Maar meer dan acht zal hij er niet maken’, zei Ronald. Ik haalde hem toch. Pellè maakte er dat seizoen 29. Half Rotterdam liep rond met een Pellè-kapsel. Hij was misschien wel mijn beste aankoop ooit.”

Ook een expert kan ernaast zitten. Durf soms op je gevoel te varen.

De platenbon van Dick Advocaat
In het seizoen 2015-2016 verloor Feyenoord onder trainer Giovanni van Bronckhorst zeven duels op rij. Van Geel moest ‘tijd kopen’ en belde Dick Advocaat. “We hadden al besloten dat we best een ton overhadden voor zijn advies. Maar Dick sprak de legendarische woorden: ‘Martin, ik doe het. Maar als we Europees voetbal halen, wil ik wel een platenbon.’”

Advocaats advies was net zo bescheiden: Dirk Kuijt van rechtsbuiten naar de tien-positie, Jens Toornstra naar rechts. Daarna keerde het tij. “Uiteindelijk werden we derde én wonnen we de beker.” En de platenbon? Die kwam er. “Heel groot, op plexiglas. Dat soort dingen vergeet je niet, dat zijn de mooie dingen in het voetbal.”

Een crisis vraagt niet altijd om een revolutie. Soms zijn rust en één kleine ingreep genoeg.

Cruijff: binnen de lijnen een genie
In de vroege jaren tachtig speelde Van Geel bij Ajax samen met Johan Cruijff. “Spelers reden van De Meer in hun eigen auto naar de looptraining. Niemand stapte graag bij Johan in, want die had overal een mening over. Op een dag waren alle auto’s bezet, dus moest ik wel met hem meerijden. Op een gegeven moment reed hij dwars door rood. Toen ik hem daarop aansprak, zei hij: ‘Martin, dat doe ik hier altijd. Hier horen namelijk helemaal geen verkeerslichten te staan.’”

Typisch Johan, vindt Van Geel. “Ik heb nooit iemand meegemaakt die meer verstand had van voetbal. Maar daarbuiten… Cruijff dácht het altijd beter te weten, maar dat was niet zo.” Een organisator was hij evenmin, stelt Van Geel. “Vergaderen vond hij zinloos en een kantoor had hij niet. Binnen de lijnen heb ik hem hoog zitten, maar organiseren? Dat kon hij beter aan anderen overlaten.”

Schoenmaker, blijf bij je leest. Zet mensen in op wat ze écht goed kunnen.